Notitie voor: Maes Evertsen van Velthuijzen
Pachter op de Slijpkruik van 1708-1744.
De pachttijd van Maes Eversen begon niet zo rooskleurig. De extra verponding is nu geheel ten laste van de pachter gekomen. En aan pacht voor de `Slijpkruuyck' dient hij 250,- per jaar te gaan betalen.
De lentes zijn in het laatst van de twintiger jaren en aansluitend de eerste helft van de jaren dertig van de 18e eeuw (de jaren 1700), koud geweest. Jaren achtereen geeft de heer van Kernheim "eene remissie uyt consideratie van 't vervriesen van deboekweijt". n 1732 wegens de `sleghte prijs' der granen. Bovendien krijgt Maes Evers in dat jaar een korting op de pachtsom van 20,- wegens "het moesen missen van lant door het poten van de nieuwe allee". In 1733 wordt de pacht verlaagd tot 220,- en in 1740 verregent de boekweit geheel.
Maes Evers overlijdt kort na Pinksteren 1743. Zijn weduwe maakt het pachtjaar af, en met Pinksteren 1744 begint hun zoon Gijsbert Maassen als pachtboer op de `Slijpkruuyck'.